Posts Tagged ‘ muziek ’

De zingende pianist

Een paar dagen geleden belde een vriend me op met de vraag of we geen zin hadden om naar Gabriel Rios, Jef Neve en Kobe Proesmans te gaan kijken. Hij wist door mijn berichten op deze blog dat ik daar wel voor te vinden ben. Ik ben om een of andere onbekende reden vergeten verslag uit te brengen van het geweldige concert van deze heren dat we zowat een maand geleden mochten meemaken!

Alle beloften die her en der gemaakt werden, zijn allemaal ingelost. Dit trio kan werkelijk voor een ontspannend avondje vol fantastische muziek zorgen. Gabriel Rios ontpopte zich in zijn bindteksten zowaar tot een stand-up comedian die de zaal moeiteloos aan het lachen bracht. Hij was zelfs veel grappiger dan wat ik al van het beruchte Comedy Casino gezien heb.

Uiteindelijk was de combinatie tussen Rios en Neve een geweldig idee. Ik zou het best moeilijk vinden om een hele avond naar die typische sound van Rios te luisteren. En Pixie zou ik naar een solo (of trio) concert van Neve niet meekrijgen – na een tijdje vindt ze dat maar gepingel. Maar de wisselwerking tussen deze twee artiesten – ondersteund door Proesmans – gaf regelmatig vonken. Een van hun strafste nummers heb ik nadien nog op de radio gehoord. Verbazend hoe mak en slap dat klonk. Was ik even blij dat ik dat niet voor het concert had gehoord, want dan was ik misschien niet eens gegaan. Live mogen deze heren er wel wezen. Wat Jef Neve allemaal met die piano uithaalde vond ik prettig om te zien. Af en toe kroop hij als het ware in zijn piano om aan de snaren te trekken of ze tegen te houden, met een heel aparte klank als resultaat. Prachtig!

Het moment dat me zal bijblijven was wanneer Pixie tijdens een sublieme solo van Jef Neve plots opmerkt dat hij meeneuriet met zijn piano. Als jazzliefhebber heb ik dat natuurlijk al vaker gehoord. Voor Keith Jarrett was het na een tijdje haast een handelsmerk om mee te zingen op zijn liveplaten. Luister hier maar eens naar:

Na een poos vind je dat meezingen niet meer zo apart natuurlijk. Toch vind ik dat het alleen de allergrootste pianisten gegeven is om dat te doen. En dan alleen bij nummers waar dat bij past. Jef Neve voldoet aan beide voorwaarden.

Arcade Fire

Een tijdje geleden hebben we deze maffe groep uit Canada ontdekt via ouders van de school. Het is toch vreemd dat we nu al op de hoogte moeten blijven via de kinderen. Voor anderen wellicht al lang oude bekenden, voor ons een recente ontdekking, die gasten van Arcade Fire. Ik betrap me er telkens op dat ik met hun nummers in mijn hoofd rondloop. Dat gebeurt de laatste jaren toch wat minder dan vroeger. Een groep die na enkele beluisteringen steeds interessanter wordt.

Arcade Fire opgesloten in een liftkooi, hilarisch:

Live met een behoorlijk bezielend nummer:

Hier een fantastisch voorbeeld hoe ze vanuit complete chaos geleidelijk overschakelen op een soort georkestreerde bende dolle muzikanten:

In deze live setting geeft deze bende echt een wat losgeslagen indruk. Ik moest meteen aan The Pogues denken, met een rijk instrumentarium en hier en daar onverwachte geluiden die op een bizarre manier een fantastisch geheel vormen. Op hun studioplaten gaat dat een beetje verloren door de productie wat een meer mainstream geluid oplevert. Dan klinken ze af en toe als Bruce Springsteen of Neil Young. Echt een aanrader!

Gabriel Rios op tv

Gabriel Rios

Omdat het niet altijd over Neve moet gaan, vermeld ik even dat deze week Gabriel Rios te gast is in het LUX-museum. Dat belooft alweer veel goeds. Al moet ik toegeven dat ik Neve compleet gemist heb. Als ik maar een paar minuten tijd had…

Er is zelfs meer, want deze week trapt Rios samen met Neve en Kobe Proesmans hun concertreeks af. Dat belooft de moeite te worden. Arq en Pixie zijn alvast een van die avonden van de partij. Daar hoor je later wel meer over. Wil je zelf een stukje meeproeven? Dat kan door dinsdagavond naar Exit op radio 1 te luisteren. Dan kan je meegenieten van een live optreden van het trio in de Radio 1 studio. Kom achteraf niet klagen dat je ’t gemist hebt.

Van God los (en van Moby)

Sinds pdw ‘Oh lordy’ (uit het nummer Natural Blues van Moby) als titel gebruikte voor zijn column, tolt het liedje almaar rond in mijn hoofd. Zijn column gaat over atheïsme en hoe het in onze samenleving steeds moelijker wordt om daar zonder zorgen van te genieten. Om de haverklap barsten nieuwe discussies los over religie en geloof. De laatste weken blijkt het creationisme ook onder de moslims de kop op te steken. Waarom verwondert me dat niet?

Nu, ik pleit meteen schuldig. Religie en geloof houdt mij de laatste tijd wel bezig. Ik heb vorige week in een berichtje over de ruimtevaart al hoopvol geopperd dat het wat mij betreft een goddeloze bedoening mag blijven daarboven. Wat niet wegneemt dat ik wel geloof in religieuze ervaringen. Ooit heeft een filosofisch aangelegd godsdienstleraar me uitgelegd dat religie stamt van het woord religiare, wat zoveel betekent als goed verbinden. Op een of andere manier heb ik dat altijd onthouden. Op die manier vond ik het woord religie best betekenisvol. Want af en toe maakt een mens wel dingen mee die de zaken in een ander perspectief plaatsen. Dan moet je vaststellen dat de mens niet zo veel voorstelt in de kosmos.

In die zin beschouw ik mezelf eerder als een soort pantheïst. Niet dat ik overal god in zie. Integendeel! Maar ik ben er wel van overtuigd dat alles met elkaar verbonden is. En dat we daar respect voor moeten hebben. Wie beseft dat de wereld een groot geheel is, wie doorheeft hoe de wereld in elkaar zit, kan daar voordeel uit halen. Dat kan zowel spiritueel als materieel zijn. Uiteindelijk is dat het doel van de wetenschap, achterhalen hoe de vork werkelijk aan de steel zit. En wat mij betreft is dat dus een religieuze bezigheid.

Dan is het niet meer zo moeilijk om God los te laten. En Moby ook, nu Stijn in mijn hoofd zit…

van god los

keer op keer werd mij dan weer gezegd
de rest is goed en jij bent slecht
je bent de slechtste van de klas
vaak genoeg werd mij dan weer beloofd
de heer geprezen, zij geloofd
je bent de traagste van de klas

van god los
laat nu toch die god los
er is niemand in de kosmos
’t is zonde van de tijd
van god los
laat nu toch die god los
er is niemand in de kosmos
’t is zonde van de tijd

duizend maal werd mij dan weer verteld
je gaat alleen maar voor het geld
je bent de duurste van de klas
terwijl dat zeker niet zo was
keer op keer werd mij dan weer gevraagd
of ik geloof in na vandaag
waarop ik zei dat er niets was

van god los
laat nu toch die god los
er is niemand in de kosmos
’t is zonde van de tijd
van god los
laat nu toch die god los
er is niemand in de kosmos
’t is zonde van de tijd, de tijd

van god los
laat nu toch die god los
er is niemand in de kosmos
’t is zonde van de tijd
van god los
laat die god los
er is niets of niemand in de kosmos
’t is zonde van de tijd, de tijd…

Tekst: Stijn Meuris

Ciao P.

De voorbije week is behoorlijk anders uitgedraaid dan gepland. De begrafenis van een vriend van je schoonouders is vaak niet veel meer dan een formaliteit. Doorgaans ken je die mensen niet erg goed. We wisten bovendien al langer dat P. met de gezondheid sukkelde. Zijn plotse overlijden verrastte wel, maar kwam niet helemaal onverwacht. In zekere zin was het ook een verlossing, voor hem en L., zijn echtgenote.

Uiteindelijk kende ik P. al behoorlijk lang. Als goede vrienden van mijn schoonouders heb ik P. en L. in dezelfde periode leren kennen als Pixie zelf. Ik weet nog dat we soms op zaterdagavond beslisten thuis te blijven omdat P. en L. zouden langskomen. Een avondje met ‘oude knarren’ vonden we als studenten vaak boeiender dan het uitgaansleven. En zeker zo met P. erbij. In die jaren was hij nog echt levenslustig en hij besmette me met zijn passie voor muziek…

In die periode was ik meer geboeid door strips en grafische kunst dan muziek. Maar P. bracht me in contact met de blues en de jazz. Als hij interessante platen vond op rommelmarkten bracht hij er af en toe voor ons mee. Voor mij opende hij een wereld die ik later met plezier zelf verder heb verkend. Toen Pixie en ik tangodansten, kwam P. af met een lijstje van de beste tangomuzikanten. Toen Pixie en ik salsalessen volgde, bezorgde hij ons een lijstje met de beste latin artiesten. Het was typisch voor P. om zijn passie voor muziek te delen met al wie daarvoor open stond. Hij heeft me nog het meest verrast door ooit een keertje onze piano uit te proberen. P. kon echt geweldig blues improviseren. Op dat moment speelde hij al een tijdje geen piano meer, maar dat kon je er absoluut niet aan horen. P. was een muzikaal natuurtalent. Zo goed heeft die piano nooit meer geklonken…

Tijdens de begrafenisplechtigheid werd het leven van P. in een notendop verteld. Daar heb ik verschillende zaken gehoord die ik niet wist van hem. Kende ik P. dan niet? Eigenlijk wel, ik kende hem zoals hij echt was. Passioneel bezig met muziek, maar ook met de mensen uit zijn omgeving. P. was altijd bereid wat tijd door te brengen met de mensen. Ik ben hem ooit tegengekomen in de stad, waarna we prompt in een donkere kroeg een uur of wat hebben zitten babbelen. P. was ook de man van de grappige wenskaarten die bij geen enkele verjaardag ontbraken. De in principe saaie kaarten werden met een kwinkslag en een spitsvondige woordspeling opgevrolijkt. Want P. was een levenslustig iemand. Hij kon intens van het leven genieten en deed dat ten volle. De enkele keren dat ik bij hen op bezoek kwam, kon hij het niet laten wat platen op te zetten. Steevast moesten de buren meegenieten, want bij P. moest de muziek goed te horen zijn. Zo heb ik Elmo Hope en Mose Allison ontdekt, nog altijd twee favorieten…

P. was ook de man van de tegenstellingen. Hij vond de vreemdelingen in België maar niks, maar hield van de muziek van over heel de wereld. Waar hij kon, legde hij contact met muzikanten om een potje te jammen. Hij vond België maar een dwaas land maar zou nergens anders willen wonen en verveelde zich vaak tijdens de overwintering in Spanje. Hij vond kinderen maar niks, maar vroeg steevast hoe het met onze kinderen was als hij ons tegenkwam. P. had alles om gelukkig te zijn, maar zag het leven steeds somberder in. Tot hij weer eens een bekende tegenkwam, dan begonnen zijn ogen te fonkelen en gaf hij altijd die stevige welgemeende handdruk…

Ik heb pas deze week beseft dat ik geen kennis, maar een vriend verloren heb.

Ciao P.

Laat ons bidden

Dit fantastische lied uit de tijd dat Noordkaap nog bestond, schalt nog regelmatig uit de boxen van de wagen (die uit dezelfde tijd stamt). Het liedje maakt deel uit van een compilatie met automuziek. Omdat dat liedje het eerste nummer was, kreeg de cassette ook die titel mee. Het heeft menig meerijder de wenkbrauwen doen fronsen. Tot ze hoorden dat het van Noordkaap was.

Vorige week gebeurde dan toch het onvermijdelijke. De band van de cassette raakte verstrikt in de speler. Het toont dat die ouderwetse technologie niet onfeilbaar is. Het eerste idee was om die leuke verzameling als een iPod afspeellijst te bewaren. Ondertussen lijkt een cd toch aanlokkelijker. Zo’n schijfje hoort in een doosje, dat op zijn beurt weer een kaftje kan gebruiken. Het is toch allemaal wat tastbaarder. De coverart is al klaar. Een simpel sprekend beeld maakt meteen duidelijk waarover het gaat. Wat dramatische effecten versterken het beeld. Hier zal ook menig bezoeker de wenkbrauwen over fronsen…

laatonsbidden.png

 

er schijnen huizen te bestaan

met iedere morgen ontbijt met graan

en waar bewoners aangenaam

de liefde bedrijven met warme lijven

er schijnen mensen te bestaan

die iedere dag gelukkig zijn

en vrijwel zorgeloos zonder pijn

doen wat ze moeten, doen wat ze willen

maar wat dan nog?

ja, wat dan nog?

we leven nog

we leven nog

mensen, we zijn rijk

tenminste, we leven nog

hebben zelden pijn

ja, alles kan beter, de crisis te lang

en in onze steden zijn de mensen bang

alles kan beter, het is snel gezegd

maar met onze wetten

maak je wat krom is zelden recht

alles kan mooier, alles kan beter

het is snel gezegd

maar wat dan nog?

ja, wat dan nog?

we leven nog

we leven nog

laat ons bidden!

of beter nog;

laat maar zitten

Tekst: Stijn Meuris – Muziek: Noordkaap 

Jef Neve op Klara

Vanavond zal pianist Jef Neve voor de eerste keer te horen zijn op Klara met Neve, zijn eigen radioprogramma. Daarbij heeft hij telkens een gast, vanavond het brein achter Flat Earth Society Peter Vermeersch. Jef Neve staat bekend als een bezig baasje dat onmogelijk kan stilzitten. In het programma zal hij dan ook live musiceren, solo en met zijn gast. Dat beloofd boeiende radio te worden. Het concept achter het programma is zo’n beetje dat Neve als muzikant een eigen, wat diepere kijk heeft op andere muzikanten.

Naast het onmiskenbare talent van de man als pianist, kan hij aardig vertellen. In het ter ziele gegane ‘de Club’ heb ik dat voor het eerst gemerkt. Dat Kempisch accent is niet zo vaak te horen op radio of tv, misschien maakt dat het net zo apart. Nadat er eerst sprake van was dat Neve nog dictie zou volgen, blijkt ondertussen dat hij toch zijn eigen taaltje mag behouden. Gelukkig maar. Hij wordt dan maar bijgestaan door de warme stem van Lies Steppe. Neves aanstekelige lach geeft de luisteraar alvast meteen een goed gevoel. Ik ben dus echt benieuwd naar wat het zal worden straks.

Jef Neve

Foto Jos L. Knaepen, bewerkt door ARQ