Arq

22 augustus, 2008

De tegenstelling in Wall-E

Ingedeeld onder: media, milieu, samenleving — arq @ 20:15
Tags: , , , , , ,

In de prachtige film Wall-E van de onovertroffen animatiestudio Pixar, staat de liefde tussen twee robots centraal. Zevenhonderd jaar nadat de mensen onze door afval geteisterde planeet zijn ontvlucht, blijft de kleine afvalrobot Wall-E naarstig verder opruimen. Hij heeft vriendschap gesloten met een kakkerlak en slijt de eenzame uurtjes voor de televisie. De beelden van een romantische film maken eigenaardige gevoelens los bij deze lieflijke robot. Die gevoelens exploderen wanneer EVE, een verkennerrobot die op aarde vegetaal leven zoekt, op zijn werkterrein verschijnt.

Hoewel het liefdesverhaaltje hier duidelijk centraal staat, kan je onmogelijk naast de maatschappijkritiek kijken. Niet alleen hebben de mensen onze planeet vol afval gedumpt, ze hebben de planeet ook in de steek gelaten en doen nu lustig verder op een groot ruimteschip en vervuilen langzaam de ruimte. De mensen zijn ondertussen luie en lusteloze papzakken geworden die zich verplaatsen met behulp van zweeftoestellen en zich slaafs laten bedienen door robots. Het ergste is dat dat beeld me nog niet eens zo vreemd lijkt. We lijken stilaan minder en minder in staat om het zonder gadgets en elektronische snufjes te stellen. En we bewegen almaar minder.

Ik heb eigenlijk zelden zo’n intriest toekomstbeeld gezien in een film. Vaak zijn het duistere en grauwe beelden. Hier straalt alles een ijle en cleane sfeer die me veel onaangenamer lijkt dan pakweg Bladerunner. Het bewijst dat Pixar niet moet hebben van platte commercie. Ook het feit dat deze film aanleunt bij de stomme film en voor de kleinsten best moeilijk te volgen is, toont het lef van deze onderneming. En toch is ook deze film een op en top commercieel product. De pers wordt listig bespeeld om lovende kritieken uit te lokken. Schoolgerief en speelgoed van Wall-E is overal vlot te krijgen. En zo blijft de commerciële realiteit het halen van de goedbedoelde ideologie. Resultaat is dat over enkele jaren de rommelmarkten en storten overspoeld worden door afgedankt Wall-E speelgoed. Wie dat moet opruimen is nog niet duidelijk.

13 mei, 2008

Livios ontdekt earthships

Earthship interieur

Livios, zowat het informatiecentrum bij uitstek voor bouwers en verbouwers, geeft blijk van een minimum aan visie. In een kort en bondig artikel schetst Livios het earthship concept en legt meteen de vinger op de wonde: het enge woon- en bouwbeleid van onze overheid. De grote pijnpunten zijn de vaak dwaze bouwvoorschriften die alle creativiteit bij het bouwen beknotten en de achterhaalde drang naar centrale systemen. Het zijn vooral die centrale systemen die de aanhangers van earthships parten spelen.

Gek genoeg kosten die centrale systemen ons erg veel, niet alleen in centen, ook het milieu moet er aan geloven. Met een beetje gezond verstand is het niet eens zo moeilijk om in alle behoeften van de moderne mens te voorzien. De photovoltaïsche zonnepanelen en zonneboilers zijn ondertussen al aan een ware opmars bezig. Maar ook in de watersystemen is volledige onafhankelijkheid mogelijk. Met een klein rietveld en een drinkwaterfilter kan regenwater omgetoverd worden tot drinkbaar water. Met een groter rietveld en een zuinig verbruik kan ook afvalwater gezuiverd en plaatselijk geloosd worden. Het komt de waterhuishouding van onze bodem alleen maar ten goede.

Deze systemen bestaan en hebben hun nut al bewezen. Maar de overheid blijft mensen verplichten zich aan te sluiten op de riolering. De subsidies voor deze systemen zijn dan ook uiterst beperkt. Vandaar wellicht de minimale interesse van de modale bouwer. Dat en het feit dat er aan waterzuivering niet (veel) te verdienen valt.

De vzw Earthship Belgium blijft ondertussen het autarkisch concept steunen. Niet omdat het alternatief of speciaal is. Maar omdat het getuigt van gezond verstand.

18 december, 2007

Minder kost meer

In de kast geraakt het oude Minolta reflextoestel stilaan bedolven onder een dikke laag stof. Sinds de komst van de digitale fotografie met het gebruiksgemak en alle fantastische mogelijkheden die daarmee gepaard gaan, kijkt er niemand nog om naar dat goede ouderwetse fototoestel. Het komt er gewoon niet meer van. Nochtans zit er een goed objectief op en kochten we lang geleden een extra objectief om lekker dichtbij te zoomen met de bedoeling National Geographic foto’s te maken. Sinds Sony een eigen digitaal reflextoestel in het gamma heeft, waar die objectieven op passen, hou ik de prijzen een beetje in de gaten.

Ondertussen kost de Sony DSLR-A100KB ongeveer 600 euro. Dat komt stilaan in de buurt van mijn budget. Zeker als je bedenkt dat een body alleen wellicht nog wat goedkoper is, je hoeft er dan per slot van rekening het objectief niet bij te betalen. Die prijzen blijken niet zo gemakkelijk te vinden. Onder de reflexfotografie vallen maar enkele producten onder de prijs van mijn uitverkoren sony. Tot ik plots ontdek dat de body, zonder objectief dus, méér kost dan het toestel mét objectief.

Sony DSLR A100 KB < Sony DSLR A100 KB body

600 euro < 680 euro

Dat is toch de wereld op zijn kop. Hoe kunnen we zo als consument de afvalberg verkleinen. Dat kost in dit geval tachtig euro extra! En we krijgen er minder voor. Is dat het resultaat van twee eeuwen kapitalisme en economische evolutie?

Blog op Wordpress.com.